13-07-12

't Is niet eerlijk verdeeld

LOUBOUTIN.jpeg.gifHet is een feit dat God de zaken niet eerlijk verdeelt maar Alah bakt er zo te zien ook niet te veel van. Alhoewel.

Twee moslima’s, duidelijk van de zoveelste generatie, liepen een eind voor me in het park. De ene, groot en slank, zwierend draaiend met haar kont, strak gespannen in haar nauwe jeans. Schrikwekkend elegant, sierlijk lopend op een paar stiletto's met rode zolen . De andere, klein en volslank, net een wandelende salonttafel met geverfde poten, wankelend op een paar pumps, eveneens voorzien van rode zolen, duidelijk doe-het-zelf Louboutins. Leuke snoetjes omlijst door een kleurrijke hoofddoek. Qua puntentelling op de schoonheidsschaal: een negen op tien en een drie op tien.

Het schijnt dat doe-het-self Louboutins een rage is geworden. Lekker goedkoop naar ’t schijnt. Dames kopen massaal glanzende rode verf om de zool van hun favoriete pumps te voorzien van het handelsmerk van schoenenkeizer Christian Louboutin. Deze laatste heeft zich een tijdje verzet tegen de concurentie welke zijn iconische rode zool imiteerde maar beet in het zand toen een rechter besliste dat ‘iedere creatieve geest de vrijheid heeft om alle kleuren van de regenboog te gebruiken.’ Gelukkig maar. Stel je voor dat United Colours Of Benetton een patent zou krijgen op de kleuren, de maatschappij zou er maar grijs en grauw bij lopen.

Beide meisjes voor me passen duidelijk niet in het plaatje van een perfecte moslima. Zal mij worst wezen. Voor zij die er niet tegen kunnen: sluit uw ogen of zap naar een andere zender. Wat mij betreft mogen ze in een fotolijst op m’n nachtkastje, zelfs die van drie op tien.

14:33 Gepost door Guido De Greef in Blog, Boeken, Ontspanning | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

28-06-12

de kat van Brusselmans

brusselmans kat 2.jpgDe wereldberoemde Vlaamse schrijver Herman B doet zijn kat weg. Het dier moet weg omdat het niet overeen komt met zijn hond. Dit is de officiële versie. Zij die Herman B kennen weet dat hij maar al te graag de kat in het donker knijpt en het zou me geen zier verwonderen dat Seinfeld – zo heet de poes – absoluut niet in het donker wou geknepen worden. Het zou uiteraard ook kunnen dat Herman na een nachtje stappen, na het uitschoppen van zijn schoenen met zijn blote tenen in een plas kots van de kat beland is.

Ondanks het feit dat hij naar eigen zeggen stapelzot is op het poesje en zijn brede lezerspubliek weet ondertussen maar al te goed dat Herman B stapelzot is op poezen, heeft hij de kat dus teruggestuurd naar de Poezenboot. Dat is een opvangboot voor gedumpte en verwaarloosde katten in Gent.

Hij kon zijn kat ook naar Tania D M gestuurd hebben, zijn ex die het spuugzat was dat Herman B hele dagen poezen pakte. Ze liet hem zitten met zijn verzameling roze kattenbakken. Zuivere, kraaknette, ongebruikte roze  kattenbakken want Herman liet zijn kat in de tuin van de buren schijten. Maar hij hield zich nauw aan zijn principe: stuur nooit je kat naar een vrouw, zelf niet naar je ex-vrouw.

Hij kon de kat ook onder een auto gegooid hebben hebben en dan aan de wereldberoemde Vlaamse kunstenaar Bart Jansen verkocht hebben om er een Seinfeldcopter van te maken. Neen, poezenvriend Herman B bracht Seinfeld naar de Poezenboot waar de poezenmadam beloofd heeft dat het een speciale behandeling zal krijgen. Herman B heeft haar op zijn beurt beloofd haar volgende week achterwaarts in de poes te naaien.

 

 

 

14:49 Gepost door Guido De Greef in Blog, Boeken, Ontspanning | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

26-06-12

bij de nonnen op de schoot

bij de nonnen op de schoot 01.jpg

Ik hield niet van de kleuterschool, ook niet van de kleuterschool in de Stokerstraat in Oostende. Vijfendertig kleuters in een vaalbruin geschilderd lokaal met vochtige groene vloertegels en angstzweet op de ruiten. IJskoud in de winter, snikheet in de zomer. Stilzitten met onze handjes op de tafel. Bij de speeltijdbel, twee rijen samengeknepen billetjes. Vaak kwalijke geurtjes ondanks het feit dat wie naar de kleuterschool ging, zijn sluitspieren onder controle moest hebben. Pampers bestonden nog niet.

 

Ik was in de kleuterschool wat men noemt, een notoir bleiter, met als resultaat dat ik geregeld bij de nonnen op de schoot moest. Dat mocht, want ik had mijn sluitspieren wel onder controle. Ooit al eens bij een non op de schoot gezeten? Waarschijnlijk niet. Was niks leuks aan. Trouwens, waar vind je nu nog een non, laat staan één waar je bij op de schoot kunt gaan zitten. Misschien wel een ongewijd exemplaar op hoge hakken en met jarretellen in één of ander fetish clubje.

 

Nonnen, een bijna uitgestorven soort. En zij die er nog rondlopen – doorgaans een flink eind boven de versheidsdatum – hebben van hogerhand formeel verbod gekregen om wie dan ook op de schoot te nemen. Dat hebben ze uiteraard te danken aan die mannelijke collega’s die hun poten niet konden thuishouden.

 

Voor zij die nog nooit op de schoot van een non gezeten hebben, je hebt niks gemist. Een troostende knuffel van een ongeschoren non met een harige wrat op haar neus is niet iets om erg naar te verlangen. Knappe nonnen bestonden er niet, hebben trouwens bij mijn weten nooit bestaan. Jonge nonnen bestonden wel maar werden angstvallig in de kerkelijke catacomben bewaard tot een stuk na de rijpingsdatum. En als er dan iets knaps aan zou gezeten hebben, werd dit in ieder geval aan elk wellustig oog onttrokken teneinde geen begeerten op te wekken. Iets in de aard van: gelovige vrouwen moeten hun ogen neerslaan en hun kuisheid bewaken, en hun sieraad niet tonen, behalve wat daarvan zichtbaar is. En zij moeten hun sluiers over hun boezem dragen en hun schoonheid niet openlijk tonen. Waar hebben we dat nog gehoord? De wereld is toch klein, nietwaar.

 

Neen, met mijn teder lijfje tussen de plooien van het stijve kloostergewaad getrokken worden, was geen pretje. Ze waren ook niet allemaal even vriendelijk, die nonnen. Ze lieten graag duidelijk blijken dat zij het goddelijk gezag vertegenwoordigden. De ruimte naast het kerkelijk pad was niet begaanbaar. Willen of niet, de pap met de gouden lepels zou je eten. Daar zouden zij wel voor zorgen. Zo’n non sprak je aan met ‘zuster’, niet met ‘non’. Geef toe, dag zuster klinkt beschaafder dan dag non. Voor de rest herinner ik me bitter weinig van mijn verblijf in de kleuterschool, waarschijnlijk omdat ik er maar weinig verbleven heb.

 

Ik was nog geen zes toen ik de overstap maakte naar de lagere school. Eindelijk het serieuze werk. In onze wijk had je twee scholen, op een boogscheut van elkaar: het kaloten college links, de stadsratten gemeenteschool rechts. Per vergissing schreef m’n vader me in bij de stadsratten. Zou mij worst wezen. Het was enkel wat wennen. Het kerkelijk pad was hier onbestaand, de houten regel op je vingers pure realiteit. Ik was verlost van de nonnen.

09:49 Gepost door Guido De Greef in Blog, Boeken, Ontspanning | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |